DE ACADEMIE VAN DE SCHONE KUNSTEN
![]() |
| Venster New Reform in de Peter Benoitstraat (Foto RD, archief New Reform) |
Wij hebben een ruimte klaargemaakt in onze privéwoning op de hoek van de Peter Benoit- en Valerius De Saedeleerstraat. Ze heeft als voordeel dat er ramen zijn die uitgeven op de straat wat zorgt voor een rechtstreeks contact met de buitenwereld. Maar anderzijds hebben wij niet meer de uitgestrekte oppervlakte van de vorige locatie. In september starten wij met ‘Art Reviews’, 76 internationale kunsttijdschriften die inzetten op inhoud. Van het tijdschrift ‘+ – 0’ uitgegeven door Elisabeth Rona in Genval tot ‘Avalanche’ van Willoughby Sharp in New York.
De SULBB wordt een vrijplaats voor muziek, performance en video.Ondermeer Patrick Van Caeckenbergh zal er op 5 januari 1980 samen met Katrien Verhulst de combination act ‘Time Keeps Raining’ performen.
HUNDERTMARK
In december tonen wij de edities[2] van de vermaarde Berlijnse uitgever Armin Hundertmark. Zijn aanpak slaat perfect aan bij de filosofie van de Fluxus- en happening kunstenaars. Ik ben verheugd dat ik ook werken kan tonen van de ‘Wiener Aktionisten’ die met opmerkelijke rituele happenings in Wenen een apart segment van het performancegebeuren vertegenwoordigen. Marina Abramovic maakte er deel van uit.

BAUHAUS
De Joegoslavische kunstenaar Bálint Szombathy komt op 14 december zijn diaprojectie ‘Semiology of the urbanical environment’ voorstellen. Ze bestaat uit afbeeldingen (dias)van door mensen spontaan of uit noodzaak opgerichte woon constructies, karakterloze verblijfplaatsen, urbanistische non-situaties. Bij de contructies plaats hij een bord met het opschrift ‘Bauhaus’, verwijzende naar de bekende Duitse academische opleiding van architecten en designers. De self-made bouwwerken hebben als eigenschap te zijn opgericht door mensen die niet zijn opgeleid als architect maar het doen met de specifieke doelstelling om te kunnen wonen in een beschermde omgeving.

NON PROFIT
1977.
Van 3 tot 9 januari maken wij deel uit van de door Yutaka Matsuzawa gecureerde tentoonsteling ‘Pan Conceptuals’ in de Gallery Maki te Tokio. Wij zijn er samen met Beau Geste Press (Devon), Ecart (Geneve), CAYC (Buenos Aires), Vile (Montreal) , Iinternational Artist Coöperation (Oldenburg), Le Collectif d’Art Sociologique (Parijs), Ten Ten Kanto en The Play, beiden Osaka. Ik stuur een kopie van onze publicaties en werken van Hugo Roelandt, Paul Gees en Luc Steels.

Non-profit spaces winnen ook in Europa gestaag aan belangstelling omdat de klassieke galerieën afstand nemen van de onvoorspelbare factor die de experimentele kunst is. Er vormt zich op een haast ‘natuurlijke wijze’ een circuit langsheen deze ‘art spaces’ wat aan kunstenaars uit verschillende werelddelen kansen biedt om ‘low cost’ in Europa te toeren. De meesten worden door de kunstenaars zelf bestuurd en noemen zich dan ook ‘artist-run spaces’. New Reform is een uitzondering in de regel.
De Australische kunstenaars Peter Kennedy en Mike Parr bv. komen tijdens hun Europese tournee aan in Aalst (1973) als rugzaktoeristen en overnachten in de galerie. Wij projecteren enkele van hun videofilms in de tot Cinema omgebouwde bus van Hugo Heyrman op de Meir (ICC) in Antwerpen.
JUNK ART
De Canadese kunstenaar Don Mabie, die werkt onder de nickname ‘Chuck Stake’, stelt voor om in januari ‘The First Annual Aalst Correspondence of Junk Mail Art exhibition’ te organiseren. De voorwaarde is dat ik alles zal tentoonstellen wat mij door de deelnemers word toegestuurd. Mabie stuurt in de voor hem typische flower power letterstijl een met de hand ontworpen uitnodiging de wereld rond. Honderden kunstenaars worden van het initiatief op de hoogte gebracht en gevraagd om hun kunstwerken naar New Reform te sturen. Het levert een massa bijdragen op die door ons aan de muren worden gespijkerd.. De bedoeling van Don Mabie is om de gangbare systemen van selectie en bevooroordeling te omzeilen en doorbreken.
PAUL GEES

In maart maken wij plaats voor de eerste ‘solo’ tentoonstelling van Paul Gees. Ze bestaat uit fotografische reconstructies van in sneeuwomgevingen waargenomen natuurlijke of door menselijke interventies ontstane correcties en een sculptuur van verfrommeld krantenpapier. Met de vloer als basis stapelt hij bij elkaar gepropte kranten in een kegelvorm naar het venster. De bovenste kranten worden aan het venster geplakt. De sculptuur tast als het ware de buitenwereld af waar het nieuws wordt gemaakt en maakt visueel en fysiek duidelijk hoe nieuwsgaring via kranten de huizen binnendringt en een factor is in de interne communicatie. Voorbijgangers kunnen het werk intuïtief aanraken door hun handpalm aan het vensterglas ter hoogte van de vastgekleefde sculptuur te houden.
ACADEMIE VOOR SCHONE KUNSTEN
Op 30 maart 1977 stelt de gemeenteraad mij aan als lid van de bestuurscommissie in de academie, toen gevestigd in het gebouwencomplex van het Oud-Hospitaal. Ik zit er als autodidact in het (kunst)onderwijs met acht andere bestuurders, de schooldirecteur en een secretaris. De andere leden zijn architecten, ex-directeurs en inspecteurs, al dan niet op rust, van onderwijsinstellingen die helemaal niets met kunst te maken hebben maar die zich opwerpen als de ‘bewakers van het diploma’. Zo ontstaat er een eerste conflict tussen mij en de andere leden.
In 1980 dingen Patrick Van Caeckenbergh en Rudolf De Greef mee naar de ‘Valerius De Saedeleer Prijs’. Van Caeckenbergh met een keramiek[3] en de De Greef met een conceptueel werk dat bestaat uit een wasdraad met daaraan opgehangen een dweil met op de zijkant de Belgische driekleur. Symbolischer kon niet. Na een woelige commissievergadering wordt het werk van Van Caeckenbergh bekroond terwijl ik heb gepleit om de prijs te delen.
Door de discussie ondervinden de andere leden dat ik niet zomaar ben gekomen om de opleidingsprogramma’s goed te keuren en de handjes te schudden van de afgestudeerden. Ik hou er met de regelmaat van een klok pleidooien om te ‘moderniseren’ en het pad van de ‘schone kunsten’, in de letterlijke betekenis van het woord, te verlaten. Uiteindelijk slaag ik er in om een klas fotografie/video te laten oprichten. Het duurt wel een tijdje vooraleer men dit gedaan krijgt bij de subsidiërende overheid. Het Ministerie van Onderwijs, dat haar fiat moet geven, is op haar beurt gebonden door het pedagogisch profiel voor dit soort onderwijs.

De oprichting van deze nieuwe afdeling kan ik bewerkstelligen op basis van een dossier dat ik heb aangelegd met voorbeelden van de ‘artist-run space’s‘ in Canada. Kunstenaars worden er opgeleid om de plaatselijke televisie netwerken van beeldcultuur te voorzien. Ik stel dat dit op termijn ook hier zal gebeuren en dat kunstenaars in deze dicipline een toekomst hebben. Van regionale of stadstelevisie netwerken in Vlaanderen is amper sprake maar het voorbeeld van Calgary werkt aanstekelijk. De kunstenaar van de toekomst zal met deze media werken en niet langer gebonden zijn aan verf en beitel, is mijn uitgangspunt.
De eerste leraar die wij voor deze nieuwe opdracht aanstellen is Hugo Roelandt. Hij kleurt meteen buiten de klassieke pedagogische richtlijnen. Zijn werkwijze loopt niet in de pas van wat de academie gewoon is. Hij vraagt zijn leerlingen om met ‘eender welk’ fototoestel naar zijn cursus te komen. Vervolgens laat hij ze op het binnenplein van de school op hun as draaien en vraagt hen om zoveel mogelijk beelden vast te leggen tijdens de beweging. Sommigen doen dat met een eenvoudige ‘Kodak Instamatic 50’, op dat ogenblik de goedkope familiecamera bij uitstek. De schooldirectie kan er niet mee lachen. Ze zien zijn aanpak niet zitten. Ze verwachten dat hij de leerlingen de techniek van het fotograferen zal aanleren met de enige professionele camera die de school rijk is. Maar Hugo wil meer doen dan het doorgeven van technische instructies over camerabeheersing en lichtinval. Hij antwoord dat hij ideeën deelt om met beeldvorming om te gaan maar het niet zijn bedoeling is om meerdere artistieke likes van hemzelf te maken zoals dat vaak in de schilder- of beeldhouwklas gebeurt waar de leraar/kunstenaar zijn werkwijze overdraagt die dan wordt gekloond door de leerlingen. Ik word als lid van de bestuurscommissie en aanstichter van de pas opgerichte foto- en videoafdeling bij de directie geroepen. Het stormt en ik zal voor de volgende jaren in de commissie de reputatie hebben van een stijfkop.

4 SEIZOENEN
Er vormt zich een nieuwe kern rond Hugo Roelandt met Narcisse Tordoir, Jan Janssen en Anne-Mie Van Kerckhoven. Zij voeren op het plein voor New Reform[4] de eerste fase uit van de performance ‘De 4 Seizoenen’. De actie steunt op pseudowetenschappelijke en kunstmatige beïnvloeding van de jaargetijden. In welke mate kan een kunstenaar de natuurelementen dirigeren? De performers willen de vier jaargetijden op een door hen gestructureerde wijze werkelijkheid laten worden door de bestaande natuurwetten in diskrediet te brengen en ze opnieuw “door mensen gedirigeerd” uit te vinden. Alle natuurlijke elementen worden vervangen door kunstmatige. Luc Steels en Paul Geladi laten door de openstaande vensters op de eerste verdieping van ons huis live elektronische muziek weerklinken. De experimenten zullen herhaald worden in het Rijksacademie Hoger Kunstonderwijs (RHOK) te Etterbeek en op de UIA campus in Wilrijk met de bedoeling de cyclus af te ronden in het Stadtarchiv van Kassel waar ik tijdens Documenta 6 ‘Performance Art’ cureer. (vervolgt)
- Niet alle evenementen worden in ‘Leven met Kunst en politiek’ besproken ↩︎
[2] Gerhard Ruhm (1930), Ludwig Gosewitz (1936-2007), Ladislav Novak (1925-1999), Stefan Wewerka (1928-2013), Eric Andersen, Joe Jones (1934-1993), Thomas Smit (1943-2006), Joseph Beuys, Ken Friedman, Boris Lurie (1924-2008), Taka Iimura, de ‘Wiener Aktionisten’ (Arnulf Rainer (1929), Gunther Brus (1938), Fritz Schwegeler(1935)), Jiri Valoch, Jochen Gerz, Henri Chopin (1922-2008).
[3] Momenteel opgesteld in de ontvangstruimte van het nieuw administratief centrum.
[4] Hoek Peter Benoitstraat, Valerius De Saedleerstraat en Pieter Couckestraat.



Geen opmerkingen:
Een reactie posten